les 1 kennismaking

Paul Wiegmans (paul@bonhoeffer.nl)
laatst gewijzigd
Inhoud: inloggen, uitloggen, virtuele temrinals, su, root, shell, ps (1), nieuwe users, useradd, groupadd, passwd

Eerste keer aanmelden

Zet de computer aan en start linux. Na het starten verschijnt een loginprompt of aanmeldingscherm, dat je vraagt om een gebruikersnaam, en een wachtwoord. In elk geval , type je gebruikersnaam en druk op enter. Type dan je wachtwoord en druk op enter. Gebruik als gebruikersnaam root , en laat het wachtwoord leeg. Als de gebruikersnaam en wachtwoord geaccepteerd worden , ben je aangemeld op de computer.

Dit is een toegangscontrole (authenticatie), dat verhindert dat vreemden op de computer toegang krijgen. Het dient voor identificatie , zodat Linux weet wie je bent, en dat je je eigen bestanden kunt zien en benaderen, en niet die van een andere gebruiker. Dit is een belangrijk gegeven om bij stil te staan, want Linux is een besturingssysteem dat door meer dan 1 gebruiker tegelijk kan worden gebruikt; het is een multi-user systeem.

X windowing system

Als het aanmeldingproces beeindigd is, zul je uiteindelijk een bureaublad te zien krijgen met daarop enkele iconen en een taakbalk, en een muiscursor is ook zichtbaar. Dit is de grafische gebruikersomgeving , het zgn. X windowing system of kortweg X . Dit is een grafische shell waarin gebruikers kunnen werken, met behulp van toetsenbord en de muis.  Dit is een GUI, een graphical user interface  .

De terminal

Schakel over naar een virtuele terminal (met de toetscombi Ctrl-Alt-F2). Je krijgt nu een zwart scherm te zien met 
xxx login:

Meld je ook hier aan met je gebruikersnaam en wachtwoord. Als je wachtwoord geaccepteerd is, ben je ook hier aangemeld. Je bevindt je nu in een terminalsessie. Je ziet een prompt die er zo uitziet:
[root@uranus root]#
De propt geeft aan dat de computer wacht op je commando.

De gebruikersinterface

Het programma dat hier voor zorgt heet de shell. Het is het belangrijkste stukje software dat een verbinding vormt tussen jou en de computer. De shell accepteert jouw opdrachten en vertaalt deze naar commandos voor de computer en voert deze uit. Het is een user interface , net als het X windowing system. X wordt De shellprompt wordt ook wel een CLI of command line interface genoemd.

In deze cursus gaan we werken met de command line interface. Hier kun je de meeste kennis van Linux opdoen, en krijg het het beste begrip van de werking van Linux en al zijn commandos. Ook is de kennis die je op de command line interface leert, goed toe te passen op andere smaken van Linux.

Virtuele terminals

Je kunt je verscheidene malen tegelijk op de computer aanmelden, door naar een virtuele terminal te gaan en je daar aanmelden. Je kunt met een toetscombinatie Ctrl-Alt-F2 tot en met Ctrl-Alt-F6 omschakelen naar een andere virtuele terminal. Linux heeft deze eigenschap omdat het een multi-user , multi-tasking besturingssysteem is. Eigenlijk heeft Linux standaard altijd 6 virtuele terminals , maar onder de eerste virtuele terminal is vaak de grafische gebruikersschil X al gestart en heb je geen prompt.  Met Ctrl-Alt-F7 schakel je naar de grafische gebruikersschil.

Om naar een virtuele terminal te schakelen, terwijl je al in een virtuele terminals bent, kun je ook toetscombinatie Alt-F1 tot en met Alt-F6 gebruiken. Dit is korter en sneller, maar dit werkt alleen niet vanuit de GUI.

Wat is Linux?

De naam Linux wordt gegeven aan een verzameling programmas waarmee mensen de computer kunnen gebruiken voor allerlei taken, maar ook aan het hart van het besturinsysteem, de kernel. Het besturingsysteem Linux is een verzameling applicaties en stuurprogrammas die het mogelijk maken dat een computer gebruikt wordt voor nuttige dingen, zoals tekstverwerking, besturing, berekeningen maken, en allerlei verschillende vormen van informatieverwerking. De kernel Linux is een stuk software dat door Linux Torvalds is bedacht en ontwikkeld in 1992, en dat een verbindingslaag vormt tussen de computer (processor, geheugen, opslagmedia, randapparatuur) en applicaties.

Je kunt dit als volgt zien:


gebruiker
applicaties, X windowing system
shell
kernel
hardware





In elk geval kunnen een aantal karakteristieke eigenschappen van Linux worden vastgesteld:
  1. is multi-user
  2. is multi-tasking
  3. lijkt op Unix
  4. heeft wel of geen grafische schil
  5. is open source software

Een gebruiker aanmaken

Het is niet verstandig om als root de computer te gebruiken voor alledaagse zaken. De user root kan veel dingen die gewone gebruikers niet kunnen en een vergissing kan fataal zijn. Daarom is het raadzaam om niet als root , maar als een gewone gebruiker aangemeld te zijn.

Onthoud: Werk nooit als root, behalve als het echt moet!

We gaan daarom nu een nieuwe gebruiker aanmaken. We noemen de gebruiker cursist . Daarna gaan we afmelden als root en aanmelden met de nieuwe gebruikersnaam . De nieuwe gebruiker maken wel met het commando :
useradd cursist
Daarna geven we gebruiker cursist een wachtwoord. We geven hem het wachtwoord cursist, als volgt:
passwd cursist
Linux antwoordt met:
Changing password for user cursist.
New UNIX password: (hier type je het wachtwoord)
BAD PASSWORD: it is based on a dictionary word
Retype new UNIX password: (hier type je nog eens het wachtwoord)
passwd: all authentication tokens updated successfully.
Ik raad je aan om het wachtwoord cursist in te tikken. Schakel nu naar terminal 3 (Ctrl-Alt-F3) en meld je aan met de gebruiker cursist,
en het juiste wachtwoord. Je ziet nu dat de prompt verandert in:
[cursist@uranus csadmin]$
Dit is de prompt van een gewone gebruiker.

Met het passwd commando kan een gebruiker ook zelf zijn wachtwoord veranderen. Elke gebruiker kan alleen zijn eigen wachtwoord veranderen. Dit gaat het met commando :
passwd
Nu wordt eerst gevraagd om het oude wachtwoord, en daarna mag de gebruiker twee keer het nieuwe wachtwoord intikken. Als alles goed gaat, dan is het wachtwoord verandert. Let op:  Linux vereist dat je een niet al te makkelijk wachtwoord kiest. Het nieuwe wachtwoord moet minstens 5 of 6 letters lang zijn, anders wordt het niet geaccepteerd. Ook gewone engels woorden wordt beschouwd als te makkelijk. Een goed wachtwoord is een woord met willekeurige letters van minstens 8 tekens lang en mininaal 1 cijfer en 1 leesteken.

De superuser

Nu je weet hoe je moet inloggen als gewone gebruiker , is het handig om te weten hoe je toch kunt werken als root, zonder je af te melden. Hiervoor is het commando su bedoeld.
su
Linux antwoordt:
Password:
Type je wachtwoord van de gebruiker root (dit is een leeg wachtwoord) en druk op Enter. De prompt verandert nu en je krijgt weer de root prompt te zien:
[root@uranus root]#
Je kunt nu de commandos intikken die je wilt uitvoeren als root user.

Afmelden

Als je klaar bent met werken op de computer, is het netjes als je je afmeldt. Dit kan op een aantal manieren. Je kunt het commando
exit 
intikken maar het kan ook door de toetscombinatie Ctrl-D in te tikken. Het resultaat is dat je terugkeert naar de login prompt.

Wanneer het eerder je su commando hebt uitgevoerd, dan ben je nu teruggekeerd naar de gebruikeraanmelding waarmee je als eerste gebruiker bent aangemeld. Als je nu nog eens Ctrl-D of logout uitvoert, zul je nu naar de login prompt gebracht worden en ben je echt afgemeld.

Tip : terugbladeren in console

Soms geeft een commando zoveel uitvoer dat de helft al voorbij geschoven is en niet meer zichtbaar. Dit continu omhoogschuiven van regels noemen we scrolling. Je kunt met de Shift-PgUp en Shift-PgDn toetsen achteruit en vooruitbladeren met een schermvol tegelijk en zo terugkijken naar eerdere uitvoer op de terminal.

Opdrachten

  1. Maak een nieuwe gebruiker aan met de naam webmaster
  2. Stel een wachtwoord in voor gebruiker webmaster, maak het wachtwoord geheim.
  3. Ga naar virtuele terminal 4 en log in als gebruiker webmaster
  4. Wijzig het wachtwoord nu in geheim79 .